Nieuwe regels voor laadpalen bij bedrijfspanden: wat betekent dit voor ondernemers?
In een eerdere versie van dit artikel stond vermeld dat bestaande utiliteitsgebouwen met meer dan 20 parkeerplaatsen vanaf 1 januari 2027 moeten beschikken over één laadpunt per 10 parkeerplaatsen óf dat minimaal 50% van de parkeerplaatsen voorzien moet zijn van voorbekabeling. Dat laatste is niet juist geformuleerd. Volgens de EPBD IV-handreiking gaat het om leidingdoorvoeren voor minimaal 50% van de parkeerplaatsen, niet om voorbekabeling.
Wanneer moet je een laadpaal hebben?
Heb je een bestaand bedrijfspand met meer dan 20 parkeerplaatsen op eigen terrein? Dan ben je verplicht om minimaal één laadpaal beschikbaar te hebben.
Ook bij nieuwbouw en ingrijpende renovaties gelden regels. Beschikt een bedrijfspand over meer dan 10 parkeerplaatsen, dan moet minimaal één laadpunt aanwezig zijn. Daarnaast moet een deel van de parkeerplaatsen worden voorbereid op toekomstige laadvoorzieningen.
Nieuwe Europese eisen
Met de invoering van de Europese richtlijn EPBD IV zijn de eisen verder aangescherpt. Bouw je een nieuw utiliteitsgebouw, zoals een kantoor, bedrijfsgebouw of bedrijfshal, met meer dan vijf parkeerplaatsen? Dan moet minimaal 50% van de parkeerplaatsen worden voorzien van voorbekabeling. Daarnaast moet er minimaal één laadpaal aanwezig zijn per vijf parkeerplaatsen.
Voor nieuwe kantoorgebouwen gelden zelfs strengere eisen: daar is minimaal één laadpunt per twee parkeerplaatsen verplicht.
Wat verandert er vanaf 2027?
Heb je een bestaand utiliteitsgebouw met meer dan 20 parkeerplaatsen? Dan gelden vanaf 1 januari 2027 aanvullende verplichtingen. Je moet dan beschikken over één laadpunt per tien parkeerplaatsen óf ervoor zorgen dat voor minimaal 50% van de parkeerplaatsen leidingdoorvoeren aanwezig zijn voor toekomstige laadinfrastructuur.
Het is daarom verstandig om tijdig te beoordelen of jouw parkeerterrein en laadinfrastructuur voldoen aan de toekomstige eisen.
Wat is voorbekabeling?
Bij de regels voor laadinfrastructuur wordt onderscheid gemaakt tussen voorbekabeling en leidingdoorvoeren. Voorbekabeling betekent dat de bekabeling al is aangebracht tot de toekomstige laadlocatie. Leidingdoorvoeren zijn voorbereidende voorzieningen, zoals buizen of goten, waardoor bekabeling later eenvoudiger kan worden aangelegd. Welke voorziening verplicht is, hangt af van het type gebouw en de situatie.
Houd rekening met netcongestie
Bij uitbreiding van laadvoorzieningen kan de capaciteit van het elektriciteitsnet een uitdaging vormen. Heb je plannen om extra laadpunten te plaatsen? Onderzoek dan tijdig of jouw netaansluiting daarvoor geschikt is.
Controleer jouw situatie
Heb je een eigen parkeerterrein bij jouw bedrijf? Dan is het verstandig om na te gaan:
- Hoeveel parkeerplaatsen je hebt;
- Welke laadvoorzieningen al aanwezig zijn;
- Of je voldoet aan de huidige verplichtingen;
- Welke eisen vanaf 2027 op jouw situatie van toepassing zijn, waaronder eventuele verplichtingen voor laadpunten of leidingdoorvoeren;
- Of jouw netaansluiting voldoende capaciteit heeft voor uitbreiding.
Door hier nu al naar te kijken, voorkom je verrassingen en ben je voorbereid op de verdere groei van elektrisch vervoer binnen jouw organisatie.
Bron: Laadpalen verplicht bij bedrijf met parkeerplaats | Ondernemersplein en Laadpalen en fietsparkeerplekken | Home | Volkshuisvesting Nederland.
Bron: Handreiking Laadinfrastructuur bij gebouwen
